woensdag 21 oktober 2009

Mathijs Tratsaert is finalist Humo's Gouden Aap

Uit meer dan 180 deelnemers werd Mathijs Tratsaert geselecteerd als één van de tien finalisten van Humo's Gouden Aap, een poëziewedstrijd voor liefhebbers tot dertig jaar. Als extra opdracht moeten de finalisten een gedicht schrijven rond het thema "De boekenbeurs".
Benieuwd naar het resultaat?
Lees en geef uw stem op humo.be/goudenaap.

vrijdag 16 oktober 2009

O gij
O ik

Je Tarnhelm muurvast
Bent gij in haar ogen blind?

Do piano speelt ze met je blik
Lage noten tekenen het requiem

(Slaap slibt mijn heldere denken dicht
Slagbomen zakken)

Doch,
Hoop heeft haar zomerverblijf in je hart.


© Mathijs Tratsaert

vrijdag 2 oktober 2009

Ensor en het ei



Een vreemde snoeshaan?
Een rare kwast?
Een maker van maffe maskers?
Een fervente fantast?

Een felle fatalist?
Een schuimbekkende scepticus?
Een schaterende satiricus?
Een geniale antichrist?

Een aureool van smarten?
Een schilder van pantomimes?
Een messias van marines?
Een ster der zee tegen de verstarden?


JAMES ENSOR (1860-1949)

was alles tegelijk: hanig en eenzaam,
baron en bohemien, middenstander
en misverstand, een peintre maudit
die de wereld bespiedde vanuit
zijn ivoren vuurtoren in Oostende.

Als extravagant artiest veroorzaakte hij
een golf van vernieuwing in de kunstscène
van het laatste kwart van de negentiende eeuw.

De storm in zijn hoofd baarde
een beklemmend en woelig oeuvre,
een geverfde wereld van maskers en schedels.

Op de planken van Ensors atelier
speelde zich een tragikomedie af
die de kunstenaar met verve (Pro Luce) had geregisseerd:

Ensor was van niemand. Niet eens van zichzelf.
Dichters weten dat. Dichter dan in de buurt komen woorden nooit.


Het krakende ei is op zoek naar 13 pogingen om dichter bij Ensor te kunnen komen, 13 gedichten om zijn oeuvre te doen oplichten. Alleen dichters kunnen dat. Vandaar dat we ze nu, meer dan ooit, nodig hebben. Zij die zich geroepen voelen om in hun pen te kruipen, zichzelf kunnen relativeren en het werk van Ensor een nieuwe dimensie willen geven, sturen een seintje naar hetkrakendeei@gmail.com tegen vrijdag 9 oktober. Het ei zendt u dan een mail met de nodige info om tot broeden te kunnen overgaan.

maandag 8 juni 2009

Epiloog 2008 - 2009

Ga en open de deur.
Misschien is buiten
een boom, of een woud,
of een tuin,
of een magische stad.

Ga en open de deur.
Misschien krabt er een hond.
Misschien is er een gezicht,
of een oog,
of het beeld
van een beeld.

Ga en open de deur.
Als er mist is,
trekt hij op.

Ga en open de deur.
Ook al was er alleen maar
tikkende duisternis,
ook al was er alleen maar
holle wind,
ook al was er
niets
buiten,
ga en open de deur.

Tenminste
zal het
tochten.


© Miroslav Holub

dinsdag 2 juni 2009

Hans Verhagen ontvangt P.C. Hooft-prijs

"Mijn vurige wens is verzwegen te worden"

Dichter Hans Verhagen heeft de P.C. Hooft-prijs 2009 gekregen, een oeuvreprijs die dit jaar bestemd is voor poëzie. De prijs werd traditiegetrouw uitgereikt tijdens een feestelijke bijeenkomst in het Letterkundig Museum in Den Haag.

De P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde behoort tot de belangrijkste literatuurprijzen in het Nederlandse taalgebied. De oeuvreprijs wordt jaarlijks afwisselend toegekend voor proza, essayistiek en poëzie. Aan de prijs is een bedrag verbonden van 60.000 euro, deels te besteden aan een literair project.

Hans Verhagen, ook bekend als journalist, filmer en schilder, debuteerde als dichter in 1963 met ‘Rozen & Motoren’. Daarna volgden onder meer ‘Sterren Cirkels Bellen’ (1968) en ‘Duizenden Zonsondergangen’ (1971). Met onder anderen Armando en Hans Sleutelaar vormde hij begin jaren zestig de redactie van Gard Sivik en De Nieuwe Stijl. Vanaf de jaren tachtig werd hij door zijn schilderkunst in beslag genomen, maar het laatste decennium beleefde hij zowaar een come-back als dichter, met bundels als ‘Moeder is een rover’ (2004), ‘Draak’ (2006) en ‘Zwarte gaten’ (2008). In 2003 verscheen ‘Eeuwige vlam’, zijn voorlopige verzamelde gedichten.

‘Zowel in de jaren zestig als in de 21ste eeuw schreef Verhagen verbluffend goede poëzie’, oordeelde de jury.

Er is van Verhagen wel gezegd dat hij als een kameleon door de letteren schiet, maar aan een gedachte uit zijn beginperiode is hij onvoorwaardelijk trouw gebleven: alles in de wereld heeft hetzelfde recht op ‘poetry emotion’. En zo blijft dat wat hem in zijn beginperiode nieuw maakte, ook nu nog steeds zijn eigenheid bepalen. Zijn dichterschap staat niet in dienst van principes, maar put voortdurend uit de complexe werkelijkheid.
In zijn recentste bundel schreef de dichter: ‘Mijn vurige wens is verzwegen te worden’. Dat zal mooi niet lukken. We scharen ons graag achter de wijze woorden van Lucebert: ‘Hans Verhagen is zondermeer een groot dichter’. Vanwege zijn humor, zijn engagement, zijn poëtische durf en eigenzinnigheid verdient hij ten volle de P.C. Hooftprijs 2009.

Domoren en dromers

De grote roergangers van deze tijd,
alle rimpels met zich dragend van de levenszee,
vrezen geen verzet van de domoren van het verstand:
‘wie denkt, denkt vroeg of laat wel met ons mee’.

Maar wie met de onvervalste wijsheid van een ongeschoolde
en van droom en drift doortrilde hand
de hemel aansnijdt om zijn naam te kerven
in de regenbogen –
die beschouwt de gangster aan het roer als vijand.