maandag 14 mei 2007
Liefde is leven
Wie zei dat seks niet belangrijk is?
Voelen, strelen, kussen,
doen, niet denken.
Bedien me op mijn wenken!
© Fien De Rudder
zaterdag 12 mei 2007
Een koffer vol (unheimlichkeit)
Een uitgepuurd en bij uitstek melancholiek gedicht waarmee je de lezer volledig ontregelt en hem 'unheimlich' doet rillen.
Onmiddellijk valt op hoe het gedicht cirkelt rond de contrasterende woordparen licht-donker, vol-leeg, binnen-buiten. Het lichaam als leeg omhulsel is slechts een instrument dat werktuiglijk een handeling verricht. Je wezenlijke ik blijft achter. Elk woord is gewikt en gewogen en kent zijn juiste plaats. Mooi hoe je eerst rust (statisch) inbouwt door resp. 'vol' en 'leeg' geïsoleerd op een volgende regel te plaatsen en dan beweging (dynamisch) suggereert bij het naar buitengaan door de trapstructuur van de verzen.
Ondanks de zakelijke zinnen, gespeend van enige lyriek maakt dit gedicht een ernstige emotie los. Hier wordt overzichtelijk en pakkend een verschrikkelijke ramp geschetst. De lezer tast in het duister over de voorgeschiedenis, over tijd en ruimte. Het gedicht heeft het immers over het hier en nu, waarbij de ik-figuur eenzaam het vertrouwde moet achterlaten, net zoals de slotregel de lezer compleet verweesd achterlaat.
Geen geringe lading voor zo'n kort gedicht dat enkel via een kleine virtuele reis te bereiken is:
http://users.fulladsl.be/spb16507/hetkrakendeei/
vrijdag 11 mei 2007
Worden zoals jij
open ik m'n mond en drink ik je verdriet
Als de wind adem is, dan is het die van jou
voel ik hem door m'n haren strelen en geniet
Als de lucht een spiegel is, dan zie ik jou
schijnt je lach je liefde door de wolken
© Eva Debruyne
woensdag 9 mei 2007
Wereldbeeld
spelen, plezier, een glimlach.
Klaargestoomd voor de maatschappij
studeren, goesting, een denkrimpel.
Jezelf bewijzen in de maatschappij
werken, ongenoegen, een depressie.
Opzij geschoven door de maatschappij
duimdraaien, pijnscheuten, een traan.
Schreeuwend de wereld ontnomen
dood
© Kim Depickere
woensdag 2 mei 2007
Speel het spel (dag ventje met de fiets)
Beste Andries
Op een lichtvoetig vanzelfsprekende manier toon je hoe leven in verzen hoort te dansen, hoe het spel tintelend dient gespeeld en je doet dat - getuige de kleuren -met verve (al is de functionaliteit van dat kleurgebruik niet altijd even doordacht en dus eerder effectbejag).
Paul Van Ostaijen heeft op de kaart van de poëzie een nieuwe route uitgestippeld met veel grillig en onweerstaanbaar vreemd gevormd bochtenwerk. Uitgerekend daar treffen wij jou aan en tegelijkertijd ook weer niet. De revolutie die Van Ostaijen teweeg heeft gebracht is te danken aan de vorm. Woord voor woord (in plaats van traditioneel de versregel als bouwsteen van het gedicht) zal de lezer worden geschokt. Daar gaat het om. Woord voor woord. De kernsplitsing van het vers en de energie die daarbij is vrijgekomen zorgt voor een bevrijding van taal.
Qua vorm kun je er niet omheen, maar qua thematiek horen wij hier toch een andere stem.
Meteen worden wij met verstomming geslagen en bij onze lurven het gedicht ingesleurd waar de woorden zingend klotsen en botsen op elkaar. Dit is geen papieren leespoëzie, de woorden zinderen, het gedicht keelt je strot, snijdt door merg en been . Je zegt de dingen niet, maar laat zien, horen en voelen: ‘ik sloeg je dromen’. De taal is zintuiglijk, maar daarom niet gratuit. Er wordt immers een betekenisveld geactiveerd waarbij de verbinding ‘sloeg’ – ‘wapen’ bedrieglijk eenvoudig voor de hand ligt, terwijl ‘stok’ als wapen ‘opgeslagen’ ligt in ‘stokte’. Met deze opening hou je de lezer gedurende heel het gedicht in een bloedmooie wurggreep tot je besluit dat wij genoegzaam de dobbelsteen van het lot van ons af mogen gooien (liefst zo ‘ver’ mogelijk) en het heft in eigen handen mogen nemen.
Waarvan akte.
Voor het gedicht van Andries kan je terecht op de volgende link:
http://users.fulladsl.be/spb16507/hetkrakendeei/